Clafoutis recept: Franse kersentaart uit de oven
Clafoutis is een Franse klassieker met sappige kersen en een zacht beslag dat een beetje doet denken aan pannenkoekenbeslag of custard. Het dessert is eenvoudig te maken en smaakt lauwwarm het lekkerst. Met dit clafoutis recept zet je zonder ingewikkelde technieken een heerlijke taart op tafel.
Ingrediënten
Voor 6 porties heb je nodig:
- 500 g kersen, vers of uit de diepvries
- 3 eieren
- 100 g suiker
- 1 zakje vanillesuiker of 1 theelepel vanille-extract
- 100 g bloem
- 250 ml melk
- 100 ml slagroom
- Een snufje zout
- Een beetje boter om de ovenschaal in te vetten
- Poedersuiker, om te serveren
Zo maak je clafoutis
- Verwarm de oven voor op 180 °C (boven- en onderwarmte). Vet een ronde ovenschaal van ongeveer 24 cm in met boter.
- Was de kersen en verwijder de steeltjes en pitten. Gebruik je diepvrieskersen, laat ze dan eerst ontdooien en giet overtollig vocht af.
- Klop de eieren met de suiker, vanillesuiker en het zout tot een glad mengsel. Zeef de bloem erboven en klop die erdoor.
- Voeg de melk en slagroom beetje bij beetje toe. Klop tot je een glad, dun beslag hebt zonder klontjes.
- Verdeel de kersen over de ovenschaal en schenk het beslag eroverheen.
- Bak de clafoutis in ongeveer 35 tot 45 minuten goudbruin en gaar. Het midden mag nog een klein beetje wiebelen; tijdens het afkoelen wordt het steviger.
- Laat de clafoutis kort afkoelen en bestuif hem vlak voor het serveren met poedersuiker.
Tips voor een geslaagde clafoutis
- Controleer de gaarheid: de bovenkant hoort goudbruin te zijn en het beslag moet grotendeels gestold zijn. De baktijd kan per oven verschillen.
- Gebruik ander fruit: abrikozen, pruimen, perziken of blauwe bessen zijn lekkere alternatieven. De Franse versie wordt traditioneel vaak met kersen gemaakt.
- Voorkom een waterige taart: laat ontdooide kersen goed uitlekken. Dep vers gewassen kersen eventueel droog.
- Serveer op de juiste temperatuur: clafoutis is heerlijk lauwwarm, maar kan ook koud worden gegeten. Lekker met een lepel crème fraîche of een bolletje vanille-ijs.
Veelgestelde vragen over clafoutis
Moeten de kersen ontpit worden?
Dat is een kwestie van voorkeur. In traditionele recepten blijven de pitten soms zitten, omdat ze tijdens het bakken smaak afgeven. Voor comfortabel eten is ontpitte kersentaart meestal praktischer. Verwijder de pitten in ieder geval wanneer kinderen mee-eten.
Is clafoutis een taart of een pudding?
Clafoutis zit daar een beetje tussenin. Het beslag is zacht en romig, terwijl de bovenkant tijdens het bakken licht kleurt. Verwacht dus geen luchtige cake, maar een smeuïg dessert met fruit.
Kun je clafoutis van tevoren maken?
Ja. Je kunt de clafoutis enkele uren van tevoren bakken en op kamertemperatuur bewaren. Je kunt hem ook afgedekt in de koelkast bewaren en koud serveren, of voorzichtig opwarmen in de oven.
Met dit eenvoudige clafoutis recept krijg je een zacht, fruitig dessert met weinig voorbereiding. Gebruik rijpe kersen voor een volle smaak en serveer de taart lauwwarm voor het lekkerste resultaat.
8 Tips voor de Perfecte Clafoutis: Van Rijpe Kersen tot Goudbruine Bovenkant
- Gebruik rijpe kersen voor extra smaak.
- Laat de kersen goed uitlekken.
- Vet de ovenschaal royaal in.
- Bestuif de schaal met een beetje suiker.
- Meng het beslag tot het glad is.
- Voeg een snufje zout toe.
- Bak tot de bovenkant goudbruin is.
- Laat de clafoutis even afkoelen voor het serveren.
Gebruik rijpe kersen voor extra smaak.
Gebruik voor je clafoutis rijpe kersen: die zijn van nature zoeter en sappiger, waardoor het fruit tijdens het bakken extra veel smaak afgeeft. Zo krijgt elke hap een heerlijke fruitige smaak en is er minder extra suiker nodig. Zorg er wel voor dat de kersen niet overrijp of beschadigd zijn, zodat ze hun vorm behouden in het beslag.
Laat de kersen goed uitlekken.
Gebruik je kersen uit pot of diepvrieskersen, laat ze dan goed uitlekken voordat je ze aan het beslag toevoegt. Zo voorkom je dat overtollig vocht de clafoutis waterig maakt en het beslag minder goed laat opstijven. Dep de kersen eventueel voorzichtig droog met keukenpapier voor het beste resultaat.
Vet de ovenschaal royaal in.
Vet de ovenschaal royaal in met boter voordat je het beslag toevoegt. Zo voorkom je dat de clafoutis aan de bodem of randen blijft plakken en kun je de punten makkelijker serveren. Bovendien krijgt de taart langs de rand een heerlijk goudbruin laagje.
Bestuif de schaal met een beetje suiker.
Vet de ovenschaal in met boter en bestuif hem daarna met een dun laagje suiker. Zo krijgt de clafoutis tijdens het bakken een licht krokant, gekaramelliseerd randje en laat hij makkelijker los uit de schaal. Gebruik niet te veel suiker, zodat de bodem niet te zoet wordt.
Meng het beslag tot het glad is.
Meng het beslag tot het glad is, zodat de bloem goed wordt opgenomen en er geen klontjes achterblijven. Voeg de melk en slagroom geleidelijk toe terwijl je blijft kloppen. Zo krijg je een egaal, dun beslag dat mooi om de kersen vloeit en tijdens het bakken een zachte, romige structuur krijgt. Klop niet langer dan nodig: zodra het beslag glad is, kun je het over het fruit schenken.
Voeg een snufje zout toe.
Voeg een snufje zout toe aan het beslag voor je clafoutis. Zout versterkt de zoete smaak van de kersen en de vanille en zorgt voor een mooiere balans. Gebruik maar een klein beetje: het zout hoort de andere smaken subtiel naar voren te halen, niet zelf op te vallen.
Bak tot de bovenkant goudbruin is.
Bak de clafoutis tot de bovenkant mooi goudbruin is en het midden grotendeels gestold aanvoelt. Zo krijgt het dessert een licht krokant laagje, terwijl de binnenkant zacht en smeuïg blijft. Houd de oven tegen het einde van de baktijd goed in de gaten, want elke oven bakt net iets anders.
Laat de clafoutis even afkoelen voor het serveren.
Laat de clafoutis na het bakken even afkoelen voordat je hem aansnijdt. Direct uit de oven is het zachte beslag nog erg kwetsbaar; tijdens het afkoelen wordt het steviger en kun je de porties makkelijker serveren. Lauwwarm is clafoutis bovendien heerlijk: de kersen zijn nog sappig en de smaak komt goed tot zijn recht.



